Wetenschappen

Welk soort tanden heeft een klein olifantje? Waarom klopt ons hart? Wanneer zie je licht?

Wie in de basisschool iedere week opnieuw uitkeek naar de volgende les Wereldoriëntatie, zal in het 1ste jaar via de lessen natuurwetenschappen (2 uur/week) zeker zijn hartje kunnen ophalen. In het 1ste jaar kan dat door goed te leren werken met een microscoop, door zelf waarnemingen te doen in het bos of gewoon in de les je te verwonderen over ons eigen menselijk lichaam.

In het 2de jaar krijgen alle richtingen opnieuw het vak natuurwetenschappen (1 uur/week). Daarnaast maak je binnen de richting Moderne Wetenschappen kennis met het vak wetenschappelijk werk (2 uur/week). Hier leer je opnieuw antwoorden geven op de meest uiteenlopende vragen. Wat denk je van: Hoe werkt een duikboot? Wat is het verschil tussen een serie- en parallelschakeling? Hoe kan je je beveiligen tegen elektrocutie? Welke soorten kleurenmenging bestaan er? Waarom is de hemel overdag blauw? Waarom moet je voorover buigen als je een steile helling opgaat?

Ontdek de wondere wereld van de wetenschappen door proefjes uit te voeren, meetresultaten te vergelijken, grafieken te tekenen en te onderzoeken, allerlei wetenschappelijke filmpjes te bekijken enz…
De bedoeling is duidelijk: jou warm maken voor wetenschappen!!

 

 

Daarnaast wordt in het vak Wetenschappelijk Werk via twee projecten samengewerkt met het vak SEI.

  • Een eerste project Actie en Attractie gaat over pretparken. Vervoer, kostprijs, gedrag komen aan bod. Via de attracties maak je kennis met grootheden en eenheden en het correct uitvoeren van metingen.
  • Het tweede thema Vieren en Versieren sluit aan bij de eindejaarsfeesten. (Koop)gedrag, alcohol, vuurwerk, geluid enz… komen hierin aan bod.

2de graad

In de 2de graad moet je opletten. Vanaf nu krijg je in alle richtingen de wetenschapsvakken aangeboden: biologie, chemie en fysica (per vak 1 uur/week).
Maar je kan nu ook specifiek kiezen voor de richting Wetenschappen. In deze richting krijgen de wetenschapsvakken extra aandacht (per vak 2 uur/week). Heb je in de 1ste graad de Klassieke Studiën gevolgd en dus niet het vak wetenschappelijk werk gehad, geen nood: er wordt met alles van nul af aan begonnen in het 3de jaar. Voorkennis uit de eerste graad is dus niet vereist. Leerlingen die in de tweede graad kiezen voor de richting Wetenschappen zijn dus best zeer geïnteresseerd maar moeten ook inzichtelijk sterk staan en extra gemotiveerd zijn want in deze richting zal er veel dieper op de leerstof worden ingegaan. Er worden ook extra leerstofdelen behandeld ten opzichte van de richtingen met één uur biologie, fysica en chemie.
Belangrijk om weten is dat in de richting Wetenschappen alleen het programma wiskunde 5 uur/week wordt aangeboden.

De extra tijd die er is door het verdubbelen van het aantal wetenschapsuren in de richting Wetenschappen wordt natuurlijk niet enkel besteed aan het geven van extra leerstof en het dieper ingaan op de leerstof. Belangrijk is ook dat leerlingen echt aan Wetenschap gaan doen. Er wordt in deze richting dan ook veel meer aandacht en tijd besteed aan leerlingenpractica. Op die manier leer je kritisch en probleemoplossend denken en leer je dat de juistheid van het eindresultaat staat of valt met een correct uitgevoerde meting. Wetenschap is meer dan enkel maar theorie en formules.

3de graad

In de 3de graad heb je verschillende mogelijkheden. Natuurlijk zijn die mogelijkheden voor een stuk bepaald door je keuze in de 2de graad.

Leerlingen die sterk wetenschappelijk georiënteerd zijn, kunnen een keuze maken vanuit hun interessesfeer.
Wil je een richting waarin het abstract logisch denken van de wiskunde en het concrete van de wetenschappen elkaar aanvullen, dan kies je best voor Wetenschappen-Wiskunde. Bovendien is deze richting een goede voorbereiding op alle studierichtingen waarin wetenschappelijke studies op een sterk wiskundige basis dienen te steunen. Hier combineer je wiskunde (6 uur of 8 uur/week) met de wetenschapsvakken (per vak minstens 2 uur/week).
Leg je de focus liever op een veelzijdige talenkennis in combinatie met een sterk wetenschappelijke vorming, dan is Moderne Talen-Wetenschappen een goede keuze en een goede voorbereiding op hogere studies in de wetenschappelijke richtingen alsook in de talenrichtingen. Heb je Latijn gevolgd in de 2de graad, dan wordt dit nu Latijn-Wetenschappen. De combinatie wordt hier wiskunde (4 uur/week) met wetenschappen (per vak 2 uur/week) en moderne talen (4 uur Frans, 3 uur Engels, 3 uur Duits).

In de richtingen Economie-Wiskunde en Latijn-Wiskunde hebben alle wetenschapsvakken 1 uur/week.
In alle andere richtingen worden de wetenschappen geclusterd tot het vak natuurwetenschappen (2 uur/week).